Tien jaar Jessehof

De Jessehof, de laagdrempelige ‘huiskamer’ aan de Delftse Burgwal, bestaat tien jaar. Al tien jaar lang is het centrum vijf dagen per week open voor iedereen die behoefte heeft aan een kop koffie, een praatje of praktische hulp. Projectcoördinator Anita van Velzen kijkt terug en vooruit.

De samenwerkende Delftse kerken zagen tien jaar geleden dat er behoefte was aan een huiskamer. “Er was in de stad veel aandacht voor daklozen. Maar als mensen eenmaal een huis hadden, ging het niet opeens veel beter met hen. Vaak voelden ze zich eenzaam, ze misten structuur, hadden niets te doen. Juist voor deze groep hebben we de Jessehof geopend", aldus Anita van Velzen (rechts op de foto).

Iedereen welkom

Vijf dagen per week kunnen mensen hier terecht. Op een gemiddelde dag komen er veertig tot vijftig bezoekers, die worden ontvangen door meerdere vrijwilligers. Twee of drie keer per week is de pastoor of dominee van een van de deelnemende kerken aanwezig, om te praten met bezoekers die dat willen. “Maar iedereen is welkom, kerkelijk of niet”, benadrukt Van Velzen. “We bieden een plek waar inwoners altijd naartoe kunnen. Het is hier gezellig, we vormen een gemeenschap met elkaar. Je kunt hier koffie drinken, een spelletje doen of praten over je problemen.”

Bredere doelgroep

Het belangrijkste doel van de Jessehof is nog steeds om mensen die eenzaam zijn of een klein netwerk hebben, te ondersteunen. “Maar we zien dat de doelgroep breder is geworden: we zien vaker mensen met een psychiatrische achtergrond of een licht verstandelijke beperking. Ook komen meer mensen langs die financiële problemen hebben of die vastlopen in de bureaucratie van de overheid. Soms kunnen we hen zelf helpen, soms verwijzen we door naar bijvoorbeeld Delft voor Elkaar of de Voedselbank. En als het nodig is, gaan we de eerste keer mee.”

Ook familie

Voor Van Velzen is de Jessehof duidelijk meer dan alleen werk. “Ik heb een contract voor 26 uur maar ben er vaker. Ik voel me betrokken. De mensen die er komen, zijn ook mijn familie geworden. We vieren hier ook Kerst en Pasen met elkaar. En dan niet de dag ervoor of erna. Nee, juist op de dag zelf is het belangrijk dat we open zijn. Juist dan hebben de bezoekers ons nodig.”

Thuisnetwerk

Trots is Van Velzen op het thuisnetwerk dat ze de afgelopen jaren óók hebben opgebouwd. “Soms kunnen mensen niet meer naar de Jessehof komen, bijvoorbeeld omdat ze slecht ter been zijn. Die mensen brengen we nu thuis een bezoek. Zo laten we hen niet in de steek.” Dat thuisnetwerk kwam ook goed van pas in de coronatijd. “Dat was natuurlijk een lastige tijd; twee keer moesten we een periode dicht. Wij zijn vaak de laatste plek waar mensen naartoe kunnen, als dat dan óók al niet meer kan. We hebben samen met vrijwilligers contact gehouden met onze gasten door bijvoorbeeld met koffie langs de deuren te gaan of door te bellen. Maar toen we weer open mochten, stonden de bezoekers te springen!”

Elke wijk een Jessehof

Wat wenst Van Velzen voor de komende tien jaar? “Ik ben heel dankbaar hoe goed het loopt. Dus ik hoop dat we nog heel lang zo doorgaan. Wel hoop ik dat er in elke wijk een Jessehof komt. We zijn nu het enige inloophuis in de regio. Als je in elke wijk een huiskamer hebt, bereik je meer mensen. En wijkbewoners leren andere mensen kennen in hun eigen wijk. Dit gun je toch elke wijk?”

(Foto: Erwin Dijkgraaf)

 

Uw mening
Uw mening