Zeventien bijzondere Delftenaren

Dit jaar – op de 211de Lintjesdag – hebben zeventien Delftenaren een koninklijke onderscheiding ontvangen, uit naam van Zijne Majesteit de Koning. Het gaat om vrijwilligers die zich langdurig inzetten voor organisaties op het gebied van bijvoorbeeld sport, cultuur, religieus leven, natuur of pleegzorg. Of inwoners die heel bijzondere prestaties hebben geleverd voor de samenleving in hun betaalde baan, of in een nevenfunctie. Hieronder leest u welke Delftenaren dit zijn.

Groepsfoto van de gedecoreerden tijdens Lintjesregen 2026
Fotograaf: Glenn van Haasen, Unique Studios

Op de foto staan van links naar rechts: Bart van Arem, Nathalie van der Hak, John Booij, Ed Hellemons, Rinus Grabijn, Marianne Dongelmans-van Dalen, Heidi Dissel, burgemeester Alexander Pechtold, Marthy Kok-Smeele, Jan Righarts, Mariëtte de Bruijn-Rullens, William van der Heiden, Annamarie van der Heiden, Louis Aussen, Willy Bok-Verver en Monique Westerveld-Kromhout. Ruud Braak en Bart Reedijk waren niet aanwezig in het stadhuis op 24 april. Zij kregen hun lintjes elders uitgereikt. 

Deze inwoners zijn benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau:

Ed Hellemons

Ed Hellemons is al lange tijd maatschappelijk betrokken. Tot zijn pensionering in 2016 werkte hij bij Prysmian Cables and Systems. Daar was hij acht jaar lang lid van de ondernemingsraad en zette hij zich in voor de commissie Veiligheid, Gezondheid, Welzijn en Milieu. Daarnaast nam hij diverse vrijwilligersactiviteiten op zich. Zo ondersteunde hij de bewonerscommissie van de wooncomplexen Witte Linde en Elzenborgh bij het uitzoeken van de verplichtingen van de verhuurder. Zijn heldere manier van communiceren en zijn vasthoudendheid vielen daarbij op.

Daarnaast is hij sinds 2014 lid en vrijwilliger bij de Wateringse schietvereniging Oefening Kweekt Kunst. Hij is baancommandant en voert als lid van de ballotagecommissie gesprekken met mensen die bij de vereniging willen. 
Maar het grootste deel van zijn vrijwilligerswerk doet hij bij Verpleeghuis De Bieslandhof. Na 15 jaar is hij daar een vertrouwd gezicht. Elke dag bezoekt hij een van de ouderen, brengt hij mensen naar activiteiten en helpt hij mee met de organisatie. Ook zet hij zich als lid van de cliëntenraad in om de zorg en het leven van de bewoners te verbeteren. De locatiemanager is erg blij met de hulp: “Onze medewerkers én onze 240 bewoners zijn oprecht dankbaar voor zijn tomeloze inzet.”

Marthy Kok-Smeele  

Marthy Kok-Smeele is vanaf de oprichting van de Stichting Kindertuinen Delft in 1985 als vrijwilliger actief. Dat is inmiddels veertig jaar. Daarvoor werkte zij als ambtenaar op de schooltuinen. Die waren toen nog in beheer bij de gemeente. 

Toen de Stichting Kindertuinen Delft de schooltuinen overnam van de gemeente is mevrouw Kok gebleven om kinderen tussen de zeven en twaalf jaar te begeleiden bij het moestuinieren. Ze maakt de kinderen bekend met de natuur en met voedselproductie. En legt uit dat bijvoorbeeld aardappelen en tomaten niet in de supermarkt groeien. Ze leert kinderen zaaien, poten en oogsten.

Ze is verantwoordelijk voor het beheer van een van de kruidentuinen. En ze ondersteunt diverse activiteiten, waaronder de open avond, het oogstfeest en het bloemschikken. Ook begeleidde ze kinderen bij de lampionnenoptocht, inclusief het uithollen van de pompoenen.

Mevrouw Kok is de enige vrijwilliger van de Kindertuinen Delft die ook op de schooltuinen heeft gewerkt. Ze werkt nu op de kindertuin ‘De Zonnebloem’, in de buurt van treinstation Delft Campus. Mevrouw Kok is inmiddels 85 jaar, maar ze is nog steeds een hele enthousiaste vrijwilliger met tomeloze energie, ondanks haar leeftijd. Ze is altijd bereid om anderen te helpen en raad te geven.

Monique Westerveld-Kromhout 

Monique Westerveld-Kromhout was samen met Louis Aussen (zie bericht hieronder) de grote initiator van het woonproject aan de Filips van Bourgondiëstraat. Tien jongvolwassenen met een beperking wonen hier sinds 2019 onder een dak samen, middenin de wijk. De bewoners gaan naar werk of dagbesteding. Ze eten en koken met elkaar, gaan samen op pad. En waar nodig krijgen ze ondersteuning.

Mevrouw Kromhout en meneer Aussen hebben beiden een zoon met een beperking. Al in 2002 slaan ze de handen ineen om veilige en fijne woonplek voor hun kinderen te creëren. In 2008 richten ze de stichting Thuis onder Vrienden (TOV) op. De zoektocht naar een geschikt pand én een wooncorporatie die wil meedoen, valt allesbehalve mee. Maar het duo heeft een lange adem. En als de heer Aussen (zelf architect) komt met een ontwerp voor een appartementengebouw in de nieuwe Coendersbuurt, gaat het balletje rollen. Bij Woonbron krijgen ze voet aan de grond met hun plan en ontwerp. 

Mevrouw Kromhout legt zich toe op de werving en selectie van de eerste bewoners. Met de groep ouders werkt ze aan een gezamenlijke visie. Ze zorgt voor een goede afstemming bij de keuze voor een zorgaanbieder. Zet zich in voor de financiering. En ook vervult ze door de jaren heen en met veel verve diverse bestuurstaken, ook na de opening in 2019. Met rust, structuur en visie, wist ze het project steeds op vaste koers te houden richting einddoel, aldus betrokkenen.

Louis Aussen 

In de Filips van Bourgondiëstraat staat het TOV-huis. Hier wonen sinds 2019 tien jongvolwassenen met een beperking samen onder één dak, midden in de wijk. Ze gaan naar werk of dagbesteding. Ze eten en koken met elkaar, doen spelletjes en gaan samen op pad. En waar nodig krijgen ze ondersteuning. Het woonproject is een succesvol voorbeeld van hoe inclusie er in de praktijk uit kan zien.

Ontwerper van het pand: architect Louis Aussen. Samen met Monique Kromhout (zie bericht hierboven) werkte hij vele jaren met een enorme drive aan de totstandkoming van het bijzondere wooninitiatief. 

Mevrouw Kromhout en meneer Aussen hebben beiden een zoon met een beperking. En al in 2002 slaan ze de handen ineen om een veilige en fijne woonplek te creëren voor hun kind. In 2008 richten ze de stichting Thuis onder Vrienden (TOV) op. Ze gaan op zoek naar een geschikt pand én naar een wooncorporatie die wil meedoen. Dat valt niet mee. Maar als de heer Aussen zelf komt met een ontwerp voor een appartementengebouw in de nieuwe Coendersbuurt, gaat het balletje rollen. Bij Woonbron krijgen ze voet aan de grond met hun plan en ontwerp dat volledig rekening houdt met de behoefte en wensen van bewoners en hun netwerk.  

Ook daarna stond meneer Aussen altijd klaar. Hij was nauw betrokken bij de vergunningsaanvraag, bij de overleggen met gemeente, ontwikkelaar en woningcorporatie en hij trad op als vakinhoudelijk deskundige én verbinder. Binnen het bestuur van TOV is hij nog steeds actief.

Rinus Grabijn

Rinus Grabijn heeft ruim veertig jaar gewerkt bij de TU Delft. Hij is ook voorzitter geweest van de postzegelclub van de technische universiteit. Hij heeft zich daarnaast meer dan 50 jaar met hart en ziel ingezet als vrijwilliger bij diverse verenigingen. Hij was ruim acht jaar vrijwilliger bij de toenmalige Antoni van Leeuwenhoekschool in Poptahof. Ook was hij lid van de oudercommissie. Hij hielp mee met het organiseren en uitvoeren van activiteiten en verrichte hand-en-spandiensten. Verder was de heer Grabijn ruim 25 jaar vrijwilliger bij de Delftse Watervrienden, onder andere als zweminstructeur, trainer van de wedstrijdploeg en trainer synchroonzwemmen. 

Na zijn pensionering sloot hij zich aan bij de Stichting Kindertuinen Delft. Hij is daar sinds 2003 actief. Hij gaat er ondanks zijn leeftijd – hij is inmiddels 81 jaar – fluitend op een gewone fiets naar toe. Hij kan als geen ander schoolkinderen op een geduldige en liefdevolle manier enthousiast maken voor het tuinieren en het kweken van eigen groente. Hij staat ook bekend als een vrolijke grappenmaker en de opa van de tuin. Hij werkt er met veel passie als hoofdtuinleider en kweker en begeleider van kinderen. Hij pleegt onderhoud en repareert gereedschap. De heer Grabijn doet alles met een grote lach en altijd zonder mopperen. Hij is altijd bereid om anderen te ondersteunen en heeft een groot vermogen om mensen te motiveren.

Marianne Dongelmans-van Dalen

Marianne Dongelmans-van Dalen begon haar jarenlange inzet als vrijwilliger toen haar zoon bij Waterscouting Dorus Rijkers ging. Als schipper zorgde ze ervoor dat kinderen mee konden doen aan wateractiviteiten. Tegelijk leerden ze vaardigheden waar ze de rest van hun leven wat aan hadden. Ze zat een tijd in het bestuur en deed dit ook voor huurdersvereniging Agnetapark, waar ze een bijdrage leverde in de rol van secretaris en voorzitter. 

Op dit moment zet mevrouw Dongelmans zich vooral in voor mensen met een lichamelijke beperking die in een sociaal isolement dreigen te raken. Al sinds 2008 is ze actief voor De Zonnebloem. Ze gaat bij mensen langs voor een praatje en een kopje koffie. Of ze gaat met hen iets leuks doen, zoals wandelen of een terrasje pakken. Als bestuurslid bezoekwerk was ze een tijd betrokken bij het matchen van mensen. 

Inmiddels is ze bestuurslid activiteiten en organiseert ze allerlei uitjes. Van poffertjesmiddagen en bingo. Tot een bezoek aan de dierentuin of de Keukenhof. Anderen zeggen dat ze aan de medemens denkt en voor iedereen klaarstaat. “Marianne maakt altijd tijd voor anderen. Ze is eerlijk, hartelijk en geïnteresseerd,” zegt een bestuurslid. De sfeer bij De Zonnebloem is gezellig en daar draagt mevrouw Dongelmans aan bij. “Marianne is een bevlogen vrijwilliger met een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Tegelijk heeft ze een luisterend oor en is ze een echte verbinder.”

John Booij

John Booij vervult en vervulde voor de protestantse wijkgemeente Vierhoven, en voorheen de Marcuskerk, talloze functies. In zijn werkzame leven was hij ambachtelijk meubelmaker en elektrotechnicus. Dat vakmanschap zet hij moeiteloos voort als vrijwilliger bij wijkgemeente Vierhoven. Hij is van vele markten thuis en tevens steun en toeverlaat voor anderen. 

Zo is, of was hij voorheen: ouderling-kerkrentmeester, koster, ondersteuner, streamer van kerkdiensten, zanger, uitvoerder, lid van de Cantorij en websitebeheerder. Hij is tevens regelaar van muziek en liederenbundels. En niet in laatste plaats: bedenker van oplossingen. Hij speelde ook een grote rol bij de ingrijpende restauratie van een historisch Schots orgel uit 1910. Meneer Booij heeft honderden uren onbezoldigd aan het orgel gewerkt. 

Meneer Booij staat bekend als een man die graag eerst aan de slag gaat en probeert iets zelf op te lossen, voordat er dure professionals worden ingehuurd. En áls die professionals dan toch moeten komen, is hij altijd bereid om assistentie en steun te verlenen. Ook verving hij hoogstpersoonlijk alle verlichting in het kerkgebouw voor een duurzame variant. Soms moest hij daarvoor flink wat klimwerk verrichten, maar dat weerhield hem niet. 

Ook nam hij het initiatief om kerkdiensten te streamen, zodat gemeenteleden thuis de dienst kunnen meebeleven. Dankzij hem zijn sinds juli 2020 alle vieringen van wijkgemeente Vierhoven in vele huiskamers te zien en te horen.

Mariëtte de Bruijn-Rullens

Sinds haar pensionering zet Mariëtte de Bruijn-Rullens zich met hart en ziel in voor anderstaligen die graag Nederlands willen leren. Zij geeft conversatielessen aan studenten, expats, arbeidsmigranten en vluchtelingen. Daarvoor gebruikt ze geen lesboeken, maar materialen die aansluiten bij de actualiteit en interesses van de deelnemers. Ze bedenkt zelf creatieve praatthema’s en werkvormen. Haar huis ligt dan ook vaak bezaaid met knipsels, taalboekjes en opdrachten. 

De deelnemers zijn daar blij mee. “In onze groep zitten mensen uit vijf continenten,” vertelt een van hen. “Met haar eigen lesstof en huiswerk maakt Mariëtte het voor iedereen interessant. Ze helpt ons met de taal, maar ook met integreren.” Ze gaat ook regelmatig met deelnemers op pad, bijvoorbeeld naar het Vermeer Centrum en de Nieuwe Kerk. “Soms weet ik meer over de stad dan mijn Nederlandse buren,” zegt een deelnemer.

Mevrouw De Bruijn begon al met vrijwilligerswerk op de school van haar kinderen. Daar hielp ze bij activiteiten en zat ze in de medezeggenschapsraad. Ook was ze sinds 1995 betrokken bij de collecte voor de KWF Kankerbestrijding. Ze stuurde jarenlang collectanten en wijkhoofden aan en is ook bestuurslid geweest.

Jan Righarts

Jan Righarts werkte tot aan zijn pensioen in 2012 bij Koninklijke Drukkerij De Swart. Hij was van 1977 tot 1992 vrijwilliger bij de RAZO, de Delftse ziekenomroep. Als presentator, verslaggever en technicus. Dat was in een tijd dat de gemiddelde ligduur in een ziekenhuis langer was dan de poliklinische dagbehandeling van nu. De radio was een welkome afleiding voor patiënten. Hij deed hen er een groot plezier mee.

Ook is hij al sinds 1979 actief bij het Delftse carnaval. Eerst bij carnavalsvereniging De Futtrappers en later bij De Olijkers, de Eerste Delftse Carnavalsvereniging. Daar is hij nog steeds gastheer en verleent hij diverse hand-en-spandiensten. Niet alleen, maar samen met zijn vrouw Lia. 

De heer Righarts fungeert regelmatig als (interim-)vorst. Hij was medeverantwoordelijk voor de organisatie van de activiteiten en begeleidde de productie van het jaarboek. Hij was negen jaar lang voorzitter van de Club van Oud-Prinsen en was in 1995 Prins Johannes de Eerste. Hij blijft een onmisbare kracht bij De Olijkers. Hier roemen ze hem om zijn toewijding en zijn bereidheid om altijd te helpen. 

De heer Righarts was van 2012-2020 tevens vrijwilliger bij het Stadsarchief. Hij maakte foto’s en registreerde beelddocumenten van locaties en gebeurtenissen. Hij richtte ook het Delfts Carnavals Archief op. Het resultaat is in die ruim 15 jaar dat hij dit doet verbluffend, mede dankzij zijn uitstekende onderzoekswerk.

Ruud Braak

Ruud Braak vervult en vervulde naast zijn voltijdbaan bij het ministerie van Defensie meerdere functies als vrijwilliger. Naast zijn drukke werkkring was hij onder meer trainer en leider bij voetbalvereniging BVCB in Lansingerland. Ook werd hij politiek actief: meneer Braak was vanaf 2002 gemeenteraadslid voor de PvdA en ook drie jaar wethouder voor de gemeente Lansingerland. Meer recent was hij secretaris van de PvdA, afdeling Delft en Midden-Delfland. En nu nog interim-voorzitter van dezelfde organisatie. 

Daarnaast was meneer Braak vrijwilliger van de stichting Andrea en een zeer gewaardeerd secretaris en penningmeester. Deze stichting hielp meisjes die het moeilijk hadden en op een zijspoor waren beland. De stichting bood deze kinderen in de Belgische Ardennen weer nieuw perspectief. Tegenwoordig zoekt meneer Braak het vrijwilligerswerk dichter bij huis: hij is secretaris van Roeivereniging DDS - De Delftsche Sport.

Mensen die meneer Braak kennen, typeren hem als een bevlogen man. Hij is een man met bijzondere aandacht voor kwetsbare mensen: hard op de inhoud, zacht op de mens. Ruud Braak wordt geprezen als verbinder en innovator. Een man die anderen inspireert en motiveert. Vanwege zijn vele verdiensten in Lansingerland is de Koninklijke Onderscheiding aan Ruud Braak in die gemeente uitgereikt.

Willy Bok-Verver

Wereldwijd wordt één op de zeven christenen vervolgd. Eén van de Delftse vrijwilligers die zich het lot van deze mensen aantrekt, is Willy Bok-Verver. Met allerlei creatieve acties weet zij elk jaar ongeveer 5000 euro op te halen voor de organisatie Open Doors Nederland. Die acties organiseert zij op verschillende plekken waar ze vrijwilligerswerk doet. Dat is bijvoorbeeld bij de Protestantse Wijkgemeente Binnenstad-Vrijenban. Daar verzorgt zij al jaren de Alpha-cursus waar ze nieuwe mensen laat kennismaken met het geloof. Betrokkenen zeggen: “Willy is een vrouw met een groot hart, waarin ruimte is voor mensen van allerlei achtergronden. Zij zorgt ervoor dat mensen zich thuis voelen en een plek vinden in de gemeente.” 

Mevrouw Bok heeft in de gemeente ook de ‘Vergeet-Me-Niet kaartenacties’ opgezet. Daarbij maakt zij zelf kaarten voor mensen die niet meer naar de kerk kunnen en die mogelijk eenzaam zijn. De opbrengst gaat naar Open Doors. Ook bij ATV Levenslust, afdeling Tuincomplex Delftse Hout, waar zij zelf een tuin heeft, helpt ze als vrijwilliger. Ze zeggen daar: “Willy is een heel open persoon. Zij is altijd vriendelijk en goedlachs.” Verder is ze bestuurslid bij de interkerkelijke vrouwen-ontmoetingsochtenden. Betrokkenen daar noemen haar een onmisbare schakel. Hier organiseert ze creatieve workshops, waarvan de opbrengst ook naar Open Doors gaat.

Annamarie en William van der Heiden  

Annamarie en William van der Heiden zijn allebei geruime tijd met pensioen, maar nog zeer actief voor de Delftse samenleving. De levenspartners zijn trouwe vrijwilligers voor woningcorporatie Vidomes en de Delftse afdeling van De Zonnebloem, de vereniging die zich inzet voor mensen met een fysieke beperking. 

Voor De Zonnebloem en Vidomes zijn ze belangrijke drijvende krachten. Ze zijn de organisatoren van onder meer het wekelijkse spel Koersbal op dinsdag. En van de soos op donderdagavond. William is bij veel evenementen en uitjes de ‘regelaar’. Hij maakt de zaal klaar, zorgt voor een hapje en drankje voor de gasten. En is chauffeur voor gasten met een beperking. Annamarie wordt geroemd om haar tomeloze energie, de aansturing van andere vrijwilligers, ondersteuning van het bestuur van De Zonnebloem. En om de organisatie van talloze activiteiten.

Mevrouw en meneer Van der Heiden zorgen voor verbinding, plezier en mooie momenten voor mensen bij wie het niet allemaal vanzelf gaat. Ze vormen het onzichtbare cement voor onze samenleving en maken zo het verschil voor mensen in een kwetsbare positie. Zeker in een tijd waarin ‘de gemeente’ of ‘de overheid’ niet zelf alles kan doen, zijn hun inspanningen van grote waarde. Mevrouw en meneer Van der Heiden zijn beiden benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.
 

Deze inwoners zijn benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau:

Nathalie van der Hak 

Nathalie van der Hak is al jarenlang als professional én vrijwilliger actief in de Delftse kunst- en cultuursector. Als professional is ze directeur-bestuurder van de Stichting Delfts Peil en mededirecteur van het Cultuurhuis Delft. Daarnaast vervult mevrouw Van der Hak talloze onbezoldigde functies. Zo was ze voorzitter van Stichting Museumnacht Delft, inmiddels bekend onder de naam Cultuurbarbaren. Ook is ze al jarenlang lid van de raad van toezicht van het Delft Fringe Festival, secretaris van de stichting Bewegend Beeld en initiator van de Buurtfabriek. Als vrijwilliger bij de Oude en Nieuwe Kerk is ze zeer actief in de commissie ‘Kerk en kunst’. 

Mensen uit haar omgeving roemen haar grote hart voor amateurkunst én voor Delft. Ze heeft de rotsvaste overtuiging dat kunst en cultuur bijdragen aan welzijn en geluk. Daarbij houdt ze zich bezig met diverse vormen van kunst en cultuur: van muziek, theater, beeldende kunst, ambachtelijk handwerk tot verhalen over het slavernijverleden.  

Mevrouw Van der Hak heeft het vermogen om mensen samen te brengen en te enthousiasmeren. Ze weet haar voorliefde voor de amateurkunst goed over te brengen op anderen. Ze haalt mensen uit hun eigen bubbel, laat kinderen hun talenten ontdekken en draagt bij aan kansengelijkheid. Ze blijft daarbij zelf liever op de achtergrond en haalt vooral voldoening uit het laten stralen van anderen.

Heidi Dissel

Heidi Dissel zet zich beroepsmatig én als vrijwilliger in om anderen te helpen. Zo was ze als jeugdouderling voor de Wijkgemeente Delfgauw verantwoordelijk voor de kinder- en tienerkerk. In deze onbezoldigde functie organiseerde ze onder meer jeugdactiviteiten. Verder bood ze persoonlijke begeleiding aan kinderen en tieners. Mevrouw Dissel wordt daarbij omschreven als verbinder, luisterend oor en rolmodel. Ze liet met haar creativiteit en sociale gevoel een blijvende indruk achter in de kerk. 

Ook was mevrouw Dissel trainer en workshopbegeleider bij de Family Factory. Ze gaf daar gratis trainingen en hielp kinderen, gezinnen, leerkrachten en andere opvoeders verder. 

Daarnaast is mevrouw Dissel over de grens actief. Ze is vrijwilliger voor ‘Microkrediet voor Moeders’. Met grote inzet en betrokkenheid is ze coördinator en campagneleider voor het Female Leadership Journey. Ze is de drijvende kracht achter leiderschapsreizen, die veel geld in het laatje brengen voor Aziatische vrouwen. Door die inspanningen kunnen vrouwen een microkrediet krijgen. Daarmee zijn honderden vrouwen en hun gezinnen financieel zelfstandig geworden. En in staat gesteld om een waardig bestaan op te bouwen. Met veel enthousiasme verbindt ze werelden en bouwt ze bruggen tussen culturen en generaties. Altijd met oog voor gelijkwaardigheid en groei.

Verder is ze ‘Bloei-expert’ bij de Stichting Groei en Bloei in Bedrijf. Bij deze stichting laat mevrouw Dissel anderen op energieke wijze groeien en bloeien.

Bart Reedijk 

Bart Reedijk was in 2019 de allereerste re-integratie-officier van Nederland. De Delftenaar was dat in de gemeente Dordrecht, waar hij het volledig mandaat kreeg van de burgemeester. In deze functie leverde hij een belangrijke bijdrage aan een nieuwe methode om jonge ex-gedetineerden te laten re-integreren in de maatschappij. Hij zorgde ervoor dat jongeren uit het criminele circuit na hun straf een andere invulling gaven aan hun leven. Hij pakte de risico's voor criminaliteit aan en versterkte de beschermende factoren. Daarmee verkleinde hij de kans op recidive.

Deze methode wordt door steeds meer gemeenten gebruikt. Meneer Reedijk deelt zijn ervaringen en kennis graag, bijvoorbeeld met het ministerie van Justitie en Veiligheid en met docenten en studenten van de Avans Hogeschool. Hij leidde nieuwe re-integratie-officiers op en beschreef zijn werkwijze in een handboek voor collega’s. En hij geeft trainingen aan professionals die werken met (ex)gedetineerden. In het werkveld staat zijn werkwijze inmiddels bekend als de Bart-methode. Hij vormde een 'strenge, maar rechtvaardige vaderfiguur' voor tientallen ontspoorde jongeren die uit detentie kwamen – vaak ook in privétijd.

Voor al zijn inzet is de heer Reedijk benoemd tot Ridder in de orde van Oranje-Nassau. De onderscheiding is uitgereikt door Commissaris van de Koning Wouter Kolff. Hij was burgemeester in Dordrecht toen de heer Reedijk daar begon als re-integratie-officier.
 

Deze inwoner is benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau:

Bart van Arem 

Bart van Arem is een internationaal boegbeeld op het gebied van transportmodellering en slimme mobiliteit. Na zijn promotie werkte hij bij Rijkswaterstaat en TNO aan verschillende projecten en onderzoeken op het gebied van slimme verkeerssystemen. Sinds 2009 is hij hoogleraar Transportmodellering aan de TU Delft. 

Professor Van Arem was een van de eersten die onderzoek deed naar de effecten van automatisering in het verkeer. Zoals adaptive cruise control en zelfrijdende voertuigen. Daarbij richt hij zich vooral op de praktijk: wat betekenen die ontwikkelingen voor de doorstroming, veiligheid en uitstoot in het verkeer? En hoe kunnen we met die kennis onze wegen beter inrichten? Hij ontwikkelde en begeleidde grote onderzoeksprogramma’s.

Professor Van Arem heeft veel invloedrijke publicaties op zijn naam staan en grote bijdragen geleverd aan conferenties en wetenschappelijke bladen. Zijn werk heeft geleid tot baanbrekende inzichten. Ze helpen overheden wereldwijd om hun steden veiliger, efficiënter en duurzamer in te richten. Daarnaast heeft Van Arem een groot hart voor onderwijs en begeleidt hij jonge wetenschappers met veel enthousiasme. 

Hij was afdelingshoofd Transport en Planning aan de TU Delft (2010 – 2017) en directeur van het TU Delft Transport Instituut (2012 – 2021). Sinds 2021 is hij pro vice rector voor Promotiezaken. In al deze rollen heeft hij zich laten zien als een verbindend leider. Met bijzondere aandacht voor diversiteit en een veilige werkomgeving. 

Vanwege zijn uitzonderlijke inzet voor de internationale wetenschap én de maatschappij, is professor Bart van Arem benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau.